Jaar: 1987Collectie: Eduard.M.Smit
Meer foto’s uit dit albumDeze foto hoort bij het album Beltrumsestraat.
Bekijk het volledige albumGrote foto voor donateursVoor minimaal €20 per jaar kunt u donateur worden en grote foto’s bekijken.
Word donateur en bekijk grote foto’sInformatie over deze foto / video
- Fotocredit
- Foto Eduard.M.Smit
- Collectie
- Eduard.M.Smit
- Jaar
- 1987
- Afgebeeld op de foto
- Op de foto zijn winkelpanden aan de Beltrumsestraat in Groenlo te zien. Links staat het pand van Kaak met het opschrift “De Dansstudio” op de gevel. Daarnaast staat het pand dat in de bestaande gegevens wordt aangeduid als nummer 38, met sigarenmagazijn Wamelink. Rechts daarvan bevond zich de electrawinkel van Jan Klein Gunnewiek. Voor de panden staan een witte personenauto en enkele tweewielers; de straat is breed bestraat en langs de stoep staan paaltjes en een lantaarnpaal. Het middelste pand is in reacties herkend als een voormalige stadsboerderij, waarvan de kapvorm nog in het straatbeeld te herkennen is. De bebouwing op deze plek is later verdwenen of ingrijpend gewijzigd bij de herinrichting rond Albert Heijn.
- Samenvatting reacties
- Uit de reacties komt naar voren dat het middelste pand een voormalige stadsboerderij was, met nog herkenbare kapdelen en gevelopbouw. Meerdere reacties corrigeren de naam Gunnewijk naar Klein Gunnewiek: de electrawinkel was van Jan Klein Gunnewiek, afkomstig uit Voor-Beltrum en gehuwd met Annie Delsing; zijn bijnaam was Schurink. Ook wordt vermeld dat hij eerder in de Lepelstraat een winkel had. De plek wordt in verband gebracht met de latere Albert Heijn en parkeerplaats, de verlegging van de Walstraat en verhalen over de Beekmansmolen en de Beekmanschat achter deze huizen.
- Trefwoorden
- Groenlo, Beltrumsestraat, Kaak, De Dansstudio, Dansstudio Kaak, sigarenmagazijn Wamelink, Wamelink, electrawinkel, Jan Klein Gunnewiek, Klein Gunnewiek, stadsboerderij, winkelpanden, Albert Heijn, parkeerplaats, Walstraat, Polvertoren, Beekmansmolen, Beekmanschat, Lepelstraat
Trefwoord voorstellen
Ziet u iets op deze foto dat nog niet bij de trefwoorden staat? Geef één trefwoord of naam door. Na controle voegen wij het eventueel toe.
Auteursrecht
Deze foto mag niet zonder toestemming van de rechthebbende worden gebruikt, gepubliceerd of verspreid.
Rechts bevindt zich momenteel de parkeerplaats van Albert Heijn. Hier vond op 31 mei 2015 het jaarlijkse straatontbijt plaats dat mogelijk gemaakt werd door Albert heijn.
Waanders en ter Bogt zijn namen die rond 1900 al voorkwamen. Mijn vader is op school geweest bij mej, Doortje Waanders.
Ik denk dat de oorsprong van het verhaal van de Beekmanschat in 1906 ligt. Op 24 april van dat jaar overleed kruidenier Gerhardus Johannes Beekman, 73 jaar oud. Hij woonde in de Beltrumsestraat, op de plek waar nu de parkeerplaats van de Albert Heijn ligt. Hij liet een weduwe en 5 kinderen na. Wat opvalt bij deze erfenis is het nadelig saldo: er waren meer schulden (f 12.099,00) dan bezittingen (f 11256,31). De bezittingen zijn o.a. stukken grond in Beltrum en Groenlo, en 2 huizen is Groenlo. Deze onroerende goederen worden geschat op 8450 gulden. Er is ook nog het salaris als rentmeester van het gasthuis (200 gulden) en diverse vorderingen. Maar er staan veel schulden tegenover. De hoogste is een lening van GH Beumers, kleermaker in Winterswijk, van 5 maart 1900: 4000 gulden. En van de Spaar- en Voorschotbank in Groenlo was op 8 april 1898 een bedrag van 900 gulden geleend. Vier kinderen Beekman hadden in totaal ook nog 4950 gulden tegoed. De grootste schuldeiser was zoon JHH Beekman, koopman te Leiden, voor f 2950. Diverse Grollenaren bleken ook geld uitgeleend te hebben: JH Hassink 300, de heer Batenburg 100, JH Weenink 200, JF Lageschaar 61, de weduwe ten Bosch-Dreissen (als ik het goed lees) kreeg nog 600 gulden. Een negatief saldo dus. Dat verklaart, denk ik, ook waarom in de loop van 1906 de erfgenamen het onbebouwde perceel naast het pand van Beekman verkochten aan dr. Sicherer, die er een nieuw huis bouwde (tegenwoordig Schoenmode Hermans, Beltrumsestraat 34). Volgens Vemer in de Kroniek van Groenlo stond nog de bepaling in de akte, dat bij het vinden van de schat deze geheel aan de familie Beekman zou moeten worden afgedragen. Blijkbaar hoopte de familie nog op verborgen contanten. Wel tegen beter weten in: Beekman had de laatste jaren van z’n leven grote sommen geld geleend, zelfs van zijn kinderen. Of zou hij zelf ook in het verhaal van de schat geloofd hebben…?
Dirk, ik ben inderdaad benieuwd wanneer het verhaal over de Beekmansschat in de wereld is gekomen.. In 1872 overleed Beekman en in 1906 werd de boel dus door de weduwe Beekman aan dokter Sicherer verkocht. “waar rook is, is vuur “toch?
Willy Devevillers, zo’n duitje als gevonden werd in de tuin van jan en Ria Rondeel kun je vinden op http://www.collectiegelderland.nl/muea/museazutphen/voorwerp-M 00042
Ik denk dat jij werker met een metaaldetector dit wel kunt waarderen. Misschien heb je zelf wel soortgelijke muntjes uit de 17de eeuw.
Notaris van Koolwijk kwamen we eerder tegen op Scherpinbeeld.. We mochten destijds de nazaten ontmoeten in het museum, op zoek naar hun roots.
Beste Dirk, Je hebt een foto van de munt gezien en concludeert dat het een Gelderse Duit is. Ik heb inmiddels een foto van het “duitje ” naar Scherpinbeeld gestuurd zodat ook anderen ervan kunnen genieten.
Op dit adres woonde begin 19e eeuw het echtpaar Schoemaker-Batenburg. Een dochter, Joanna Christina Schoemaker (1793-1848) trouwde met Johannes Michaelis Beekman (Ulft 1796-Groenlo 1872). Hij is koopman/winkelier. Zijn zoon is Gerhardus Johannes Antonius Beekman (1832-1906). Als beroep van deze zoon komen we tegen: kruidenier, grutter, molenaar. Deze zoon trouwde twee keer, eerst met Christina Waanders en na haar overlijden met Johanna Hendrika ter Bogt (1848-1912). Er was een aantal kinderen, die ook als winkelier werkten, bv. als manufacturier (Johannes Michael Beekman, 1873) en winkelbediende (Johannes Antonius Bernardus, 1885-1946). Ik ben benieuwd, op welk moment de legende van de verborgen schat in de familie opgerezen is: 1872, of 1906? Bijzonder is, dat de familie de moeite nam om dat zelfs in notariële akten te regelen. Ze hadden trouwens wel kennissen in die kringen. GJA Beekman was getuige bij de geboorteaangifte van een zoon van notaris Van Koolwijk (1877), en omstreeks dezelfde tijd (1874) woonde ook RFL van Alphen, griffier bij het kantongerecht, op dit adres. Was hij een kostganger? Ze verhuurden blijkbaar kamers aan vrijgezelle notabelen. In 1891 woonde ook dokter Sicherer hier, en in diezelfde tijd ook kandidaat-notaris Bauduin.
Persoonlijk denk ik ook dat de Beekmansschat een mythe is, Van het muntje zelf heb ik een aantal foto’s gemaakt en deze opgestuurd naar Streekgids. Ik zal ze naar je toesturen. Het zou dus een duit zijn? Wel opvallend is dat het muntje gevonden werd in de achtertuin van Jan en Ria Rondeel, (nu schoenhandel Hermans) ongeveer bij de plek waar de Beekmansschat begraven zou zijn.
Ik heb de foto van de gevonden munt niet gezien, maar uit de omschrijving maak ik op dat (als het om een koperen munt gaat) het om een duit van het Hertogdom Gelderland (Ducatus Gelriae) gaat. Dit was een van de zeven provinciën van de Republiek der Verenigde Nederlanden. Een duit is enigszins te vergelijken met een cent, er gingen er 8 van in een stuiver, dus 160 in een gulden. De letters zouden dan DUC GEL of DVC GEL moeten zijn, voor Ducatus Gelriae. Wel bijzonder, om een bijna 400 jaar oude duit te vinden, maar ik betwijfel of munten met zo’n lage waarde onderdeel van de legendarische Beekmanschat hebben uitgemaakt.
De mint is aan de rand omzoomd met laurierkransen en een bloem aan de boven- en onderzijde,. Aan de achterzijde is een wapen afgebeeld met daarin twee naar elkaar toegekeerde leeuwen. Aan de rand is een rondlopende tekst te onderscheiden, Gespeculeerd werd dat deze munt wel eens deel zou kunnen uitmaken van de zogenaamde Beekmansschat bij de voormalige Beekmansmolle, waarover wijlen Willem Vemer schrijft in zijn Kroniek van Groenlo. Een foto van deze munt is onlangs gepubliceerd op Streekgids 25-06-2014. .
Onlangs werd in een achtertuin, niet ver verwijderd van de voormalige “Oude Beltumerp[oorte”en de Potvertoren een kleine munt gevonden met daarop de letters DVD, CEL of GEL en daar onder het jaartal 1626.
De Beekmanschat wordt volgens mij beschreven in de Kroniek van Groenlo door Vemer in 1968. Zelf heb ik er ook al naar gezocht met mijn metaaldetector maar nog niet gevonden.
Er is in het verleden een artikel geschreven op SIB over de Beekmanschat die zich ergens achter deze huizen moest bevinden. Ik weet niet meer4 waar ik dat artikel moet vinden. Stond hier achter niet de Beekmansmolen waarvan zich een molenwiel in de tuin van de stadsboerderij bevindt? B. oet Grolle waar staat dat artikel? Wie weet het?
Ik ben bang dat dit een ijdele hoop blijft Paul.
Hier staat nu de AH:
in de visie die door Grollenaren samen met de gemeente is opgesteld wordt gepraat over de bouw van een nieuwe AH op deze plek. Zou de eeuwenoude Walstraat, die links langs de dansschool liep, dan weer in ere hersteld moeten worden?
Misschien kan zijn weduwe A. Klein Gunneweik-Delsing daar nog iets over vertellen. Ik kan me voorstellen dat Jan. Kl. G verteld heeft over die periode in de oorlog.
Op de plek van deze huizen is de parkeerplaats van de AH misschien dat er een klein stukje van kaak in de AH zit, Jan kl Gunnewiek zat vroeger in de oorlog bij mijn ouders in een hooiberg verstopt daar deed hij al iets met een zender het preciese weet ik er niet van,er zaten ook onderduikers op onze zolder, het was nogal geheim en gevaarlijk,Jan was een neef van mijn vader.
Beste redactie, de naam Gunnewijk onder de foto moet inderdaad veranderd worden in Klein Gunnewiek. Mevrouw Klein Gunnewiek Delsing woont nog steeds in de Beltrumsestraat ,maar nu aan de overkant.
Geachte redactie,
In de tekst onder de foto wordt gesproken over “de electra winkel van Gunnewijk”en over “Boertjen van Gunnewijk”. Dit moet in beide gevallen Klein Gunnewiek zijn. Ik weet dit zeker, omdat dit een oom van mijn man Theo was, afkomstig uit Voor Beltrum en gehuwd met Annie Delsing. Zijn bijnaam in Voor Beltrum was: Schurink
Inderdaad is er op deze foto veel interessants te zien Roy. Panden met geschiedenis.
Hoi Theo,Gunnewiek is begonnen in de Lepelstraat tegen over ons huis waar wij toen woonde.Theo Smid had nadien er zijn winkel,weet je het nog.Wat was Gunnewiek tevreden met zijn winkel in de Beltrumsestraar grbennie
De electrawinkel was van Jan Klein Gunnwiek (Schuring) die afkomstig was van de Leunkweg in Voor-Beltrum.
Toch een fraai ensemble, als het goed bekijkt. Even door de grijze gevels heen kijken en je ontdekt wat leuke details. Het middelste pand is een stadsboerderij geweest. De kap hiervan kun je aan de linkerzijde nog zien. Rechts is deze gekoppeld aan het buurpand. Ook is in deze middelste gevel nog symmetrie te herkennen. Het blijft jammer dat deze situatie op de huidige wijze is heringericht. De Polvertoren is (m.u.v. de voorgevel en de kap) bijna geheel gesloopt voor de aanbouw door AH. Ook de verlegging van de Walstraat verstoorde het eeuwenoude stratenpatroon.