Meer foto’s uit dit albumDeze foto hoort bij het album Basten - Asbeck.
Bekijk het volledige albumGrote foto voor donateursVoor minimaal €20 per jaar kunt u donateur worden en grote foto’s bekijken.
Word donateur en bekijk grote foto’sInformatie over deze foto / video
- Fotocredit
- Collectie : Bernard Bonenkamp
- Trefwoorden
- basten asbeck,poortje
Trefwoord voorstellen
Ziet u iets op deze foto dat nog niet bij de trefwoorden staat? Geef één trefwoord of naam door. Na controle voegen wij het eventueel toe.
Auteursrecht
Deze foto mag niet zonder toestemming van de rechthebbende worden gebruikt, gepubliceerd of verspreid.
Wim, daar staat mij ook iets van bij dat het testament geopend zou worden dit jaar. Ik moet wel even weer in die materie du8ken.
Ans, dit jaar zou er toch een notariële akte over deze Corbelijn Battaerd openbaar gemaakt zou worden of is dat volgend jaar?
Vandaag kreeg ik een bericht van een achternichtje van Mevrouw Corbelijn-Battaerd-Huber. Heb haar verwezen naar deze site.
Jan, dat heb je goed, het is dezelfde foto, alleen op de kleurenfoto is aan de linkerkant iets meer te zien.
Gerrit dat rode pannendak op de schuur komt mij zo vreemd voor deze foto is bijna de zelfde opname
Mijn Moeder zegt altijd nog van een kind dat gelijk huilt ,wat ´n HULEBALK.
B/A bewoonster Maria H.C. van Basten (1750-1819) ligt begraven in de oude Calixtus (is er een tombe/steen?)
Haar man Henrick Batenburgh werd in 1832 begraven op het kerkhof dat hij in 1827 had afgestaan en bekend was onder de naam van Batenburgs-hof of Buursens huisplaats. (Bron: Batenborgh St,)
Ans volgens mij staat huilebalk bij een begrafenis voor huilende Mensen gr Jan
huilebalk
1) Begrafenisdienaar
2) Drein
3) Gluiphoed
4) Grien
5) Grienebalk
6) Griener 7) Grimbek 8) Hoed
9) Hoofddeksel
10) Jankebalk
11) Kind dat steeds huilt
12) Kleding
13) Kledingstuk of schoeisel
14) Kwezel
15) Leedaanzegger
16) Luiphoed 1 ‘
Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoor
heb iets gevonden in synonienboek: grote vilten hoed met neergeslagen rand.
“Huilebalken”, wat een prachtig woord. Waar komt het vandaan?
Gelezen :Olden Harm van “t Garvelink.door NW Diemen de Jel School meester op de Haart bij Aalten dit is een streekroman: De pachtboeren en enkele naobers sloegen de groezel-zwarte Huilebalken om de schouders en droegen de droeve last door de wijdgeopende endedeur. Ik kan ook geen foto vinden er is genoeg over geschreven,maar bij al die rouwstoeten geen man met flanders voorop.
Mijn zoektocht naar de rouwstoet met flanders in groenlo heeft nog niet veel resultaat gehad,
Maar ik hoop dat de speurders doorgaan met zoeken.
Gezien Joke, een uitgebreide variatie. Milius had vroeger wel zo’n plat koekje. Dat heette echter “kransje”.
Ans op startwebseite.de ,vind je vele recepten van plätzchen.
Gerrit, de strenge winters schijnen terug te zijn.
Misschien kan een grolse bakker het “pleske”nieuw leven inblazen.
Ik hoop dat Payul nog meer antwoorden krijgt op zijn vraag naar de Grolse pleskes.
Er is een “Kookenijzer”zoals ze ook werden genoemd bekend uit het Minoritenklooster in Zwillbrock uit 1703
Nee,Ans de huidige kniepertjes zijn ook al heel erg oud,kniepertjes of wafelijzers van ijzer zijn al wel 400 jaar oud.
In het Hameland museum Vreden hebben ze een grote verzameling van wafelijzers uit onze streek,
zouden de peskes de voorloper zijn van de huidige kniepertjes?
Hier een citaat uit een verhaal over de Sallandse Markedagen in Deventer rond 1694:
Op die
markedaqen lieten zij het zich dan ook aan niets ontbreken. Ziehier, wat zoo
al in de rekeningen voorkomt: grof brood, wittebrood, beschuit, “stuyties,
pleskes,
haspelties”, eieren,’ koek, nieuwe haring, dikke melk, schol, bot.
kalfsborst, schapebout, vet lam, ham, ossenvleesch, hoender, asperges, radijs,
salaad, peperwortelen, amandelen” kersen, pruimen, rozijnen, kruisbessen en
niette vergeten! wijn en bier.
Is ’t niet om te watertanden in dezen distributietijd?
Zoo werd ‘op den markedaq van Tjoene in 1694 o.m. geconsumeerd:
grof brood, wittebrood, 8. pond boter, kaas, eieren, .2, pond suiker, een
schinke, 7paar hoender, een half lam, voor 7 gulden visch en ook nog voor
17stuiver schol, salade, wortelen, een dozijn tafelkoeken, en, waarschijnlijk
als dessert, 3 pond amandelen alsmede kruisbessen.
Wanneer ik U vertel:
dat bovendien een anker introductiewijn, een half anker en nog vier kan
Moezelwijn, een half vat bier en 3 oort brandewijn verbruikt werd;
– dat het gezelschap bestond uit 18 personen; ,
dan zult U met mij moeten erkennen, dat de Heeren over eene maag beschikten
als dikke Gijs in het bekende kinderversje.
Mooi verhaal over die pleskes. Je schrijft dat er warm bier bij gedronken werd. Dit moet wel de negentiende eeuw geweest zijn. Wist je dat er in de negentiende eeuw bij de Lange Gang ook nog warm bier gedronken werd? Ik heb geen bron bij de hand, het zit nog ergens in mijn achterhoofd. Wie weet er meer van?
Gevonden op het WWW: Het contact tussen Nijmegen en Lent kreeg een extra impuls als de Waal bevroor, wat vroeger nogal eens gebeurde. Als het bijna zover was, werden er in Lent op grote schaal pleskens gebakken. Het pleske was een soort koek met de vorm van een beschuitbol en werd alleen bij deze speciale gelegenheid gemaakt. Ingrediënten waren tarwebloem, eieren, boter, anijszaad en soms wat koriander. De eerste Lentenaar die met een mand vol pleskens over het bevroren water Nijmegen bereikte, werd beloond met een som geld. Op de Nijmeegse oever verrezen tenten, waar het gewone volk de pleskens nuttigde met warm bier. De welgestelden togen naar logementen en sociëteiten om hun pleskens te nuttigen met een advocaatje. Met het verdwijnen van de strenge winters verdween ook geruisloos dit gemeenschappelijk gevierde volksfeest.
Ja Johanna, ik weet nog dat je die vraag gesteld hebt, maar waar?
Nog ,na de oorlog werd in Dinxperlo zo,n rouwsluier door Boland gebruikt bij het rondbrengen van de rouwkaarten ,volgens mijn zuster van 80 jaar,
Pletsken is duits voor koekje,
ik heb al eens vragen gesteld over een soort gebak in Groenlo bij vastenavond. waar kan ik dat terug vinden?
Ik geloof dat bij de Grolse bakkers nog wel krakelingen gebakken worden. Het woord pleskes heb ik nog nooit horen noemen. Toch schijnt het een traditioneel plat broodje of koek te zijn. Het woord komt in veel dialecten voor.
znw. (m. of vr.), mv. -sen. Dikwijls in den verkl. plasje, plaske, gewestelijk plesje, pleske. In hd. dialecten kent men platz voor: een ronde platte koek (zie GRIMM 7, 1916, HEYNE 2, 1171). Men heeft gegist dat het woord afkomstig is van lat. placenta, koek,
en dat de benaming van het gebak uit de kloosters in de volkstaal is overgegaan.
Ook poolsch plac, placek, in denzelfden zin.
ᴁ1. Eigenlijk, als benaming van zeker gebak. Eene soort van ronde en platte broodjes, meestal met krenten, die in sommige streken alleen of inzonderheid tegen bepaalde feestdagen (Paschen, Sinterklaas, Kersttijd) gebakken worden.
Soms ook in toepassing op broodgebak van anderen vorm. Verg. Drentsch plasse, langwerpig krentenbrood, ten geschenke aan kraamvrouwen gebracht (Dr. Volksalm. 1846, 263); Overijs. plassies, soort van krentenbroodjes, krententimpen (N. Ned. Taalmag. 4, 244); Kampensch plasien, broodje (GUNNINK); Geld. pleskes, plesjes, zeer kleine ronde (of langwerpige) krentenbroodjes; Gron, plas, soort van bolletjes, die bij bijzondere gelegenheden gebakken worden (MOLEMA); Oostfriesch plaske, plat, rond wittebrood in den vorm van een bord voor kinderen op Paschen (TEN DOORNK. KOOLMAN); Zaansch plas, plassie, klein, plat, rond krentenbroodje (BOEKENOOGEN).
De zoogenaamde plasjes, ’t zij rond of in de figuur van krakeling, strik of zwaan.
In het geslachtsboek wordt gepraat over typische Grolse lekkernijen zoals Grolse plenskens en Grolse krakelingen. Zijn die nog te koop?
Ik vermeld met jouw goedvinden(?) hier maar even jouw mededeling dat de bewoner van Haus Pennekamp Fredrick van Basten was, in 1560 gehuwd met Maria Dienberg van Rhemen. Ik sta steeds weer versteld van je enorme genealogische kennis en de verbanden die je weet te leggen.
Johanna, bedankt voor die mooie foto’s van Haus Pennekamp in Anholt in de sneeuw, het huis waar de van Bastens in 1563 woonden.
Leuk dat er tegenwoordig weer een Nederlander woont. En heel bijzonder dat je vroeger vanuit je slaapkamerraam dit huis (in de winter) kon zien.
Joke ik ben zelf GROLLENAAR mijn vriend komt uit Dinxperlo en daar komt de informatie vandaan.
vogens mij Pietje Boland.
Kruidenier bij de kerk.
Heb je die gekend?
mvg JokeMonasso-Elburg
Johanna dat was Boland de kruidenier.Toen ik het voor de eerste keer zag vond ik het ook
eng.IK was toen al lang geen kind meer.
Ja,Loes dat klopt dus toch ,ik dacht het al maar wist niet zeker of dat nu nog zo is.Toen mijn ouders in Dinxperlo 23 jaar geleden overleden zijn heb ik gevraagd om die Lanfer niet aan de hoed te doen. er was vroeger Ene Boland een klein Mannetje die liep heel strak met z,n hoge hoed op en met een hand die lanfer vast houden (rouwsluier) en dat vond ik als kind erg griezelig.
In Dinxperlo is de lamfer nog steeds in gebruik de aanspreker draagt deze met hoed.
Hallo Loes. Ik kreeg een Google Earth foro van Gerrit en het klopt. Het bosje is er zelfs nog.
Ans met deze zandafgraving is de hele buurt van de Beatrixstraat en de Irenestraat opgehoopt.Als kind ging ik vaak mee met de vrachtwagen .De jongens van ter Huurne deden dit karwei.Het puin komt nog steeds naar boven in mijn tuin.
Johanna, ik denk het wel, verklarende mail heb je reeds ontvangen.
Kan ik die plek ook vinden van de zomer ?
Gerrit, ik kan me dat kerkhof nog wel herinneren. Het was een bosje met een ijzeren poort er voor. Ik herinner mijn dat er maar één graf was met steen, maar daar kon je niet bijkomen omdat er prikkeldraad om dat bosje zat. Achter dat bosje was een soort zandafgraving die vol stond met water en daar kon je in de winter prachtig schaatsen.
Ik was toen vriendinnetje met Wilhelmientje (boerderij achter dat kerkhof en waterplas) en Corry Nijkamp (timmerman/aannemer) en ik herinner mij dat het kerkhof sterk tot de verbeelding sprak. Er werd verteld dat daar schooiers en bedelaars begraven waren.
Johanna, toevallig had mijn moeder het afgelopen zondag ook over dat kerkhof in de omgeving van de Eibergseweg en Veldweg, voorheen Leemsteeg, en zij vertelde dat daar ook mensen werden begraven die geen geloofsovertuiging hadden. Dit kwam ter sprake toen wij als familie n.a.v. het recente uitkomen van de kadastale kaart van 1832 hadden ontdekt dat een ver familielid daar in die omgeving een boerderij had.
Er wordt hier gsproken over”fremdenkarkhof”of armeleu.s-kerkhof In Groenlo ligt dit kerkhof precies op de grens van de gem.Groenlo en Eibergen aan de Eibergseweg,de stichting hiervan is niet bekend,gebruikt word het niet meer,Bekend is dat in 1906 e algemene bekende bedelvrouw
Duutse Hanna ,welke doodgevroren in de wegberm werd aangetroffen,hier ter aarde werd besteld.
Verschillende Auteurs ,het boek is tweetalig en uitgeven Kreis Borken/Hamaland Museum/Rijksmuseum Twente/Heimathaus Munsterland.in 1988.Gebruiken rond de Dood
Er staat een lijst in van Overledenen uit Groenlo en buurtschappen De koster en dodengraver G.Vrijdag En foto van Memorienis in een der steunberen van de hervormde Kerk te Groenlo.
Wie is de auteur van “De laatste gang”?
In het boekje van “de Zwolse school”staat beschreven dat er een kind sterft en begraven wordt op blz.68 met de rituelen
uit het begin van de 20de eeuw
Het boek “de laatste gang,gebruiken rond de dood in Oost Nederland ,staan mooie foto,s in oa van dekerk van Groenlo.
Op SARA is nog een rouwstoet te zien uit de collectie Postema. De stoet passeert de Hervormde Kerk.
Ik denk dat het vroeger helemaal taboe was om van een roustoet een foto te maken.
Tegenwoordig zie je steeds meer dat een hele begrafenis of crematie grotendeels vast gelgd wordt hetzij op film of met foto’s. Daar heeft heel lang een taboe op gezeten.
Mijn schoonvader vertelde laatst nog een verhaal over gestorven kleine kinderen / baby’s die niet gedoopt waren. Vroeger was de kinderstefte veel hoger natuurlijk. Er waren heren die het lijk van zo’n kind moesten begraven. Als het donker was dan ging de stoet met het kleine kiste naar het kerkhof en op ongeweide grond werd deze begraven. Dit mocht niet overdag. Elke buurt had daar z’n vaste mensen voro die dit deden.
Paul, gevonden op het WWW:
Lanfer, een rouwfloers of sluier aan den hoed, zooals men gewoon was te dragen
in de 17e en 18e eeuw, is tegenwoordig nog alleen in gebruik bij die aansprekers,
welke de driekante steek dragen. De naam luidde vroeger lamper of lampers en
duidde een soort van rouwfloers of krip aan. ’t Woord staat waarschijnlijk in verband
met het Fransche verkleinwoord lambrequins waarmede men de helmdekken,
oorspronkelijk een manteltje, of wel sluier aan den helm, aanduidt; tegenwoordig,
en wel sinds de 16e eeuw, worden de lambrequins geteekend als arabeskvormige
ornamenten, uitgaande van den helm, en het wapenschild omringende.
Ik denk dat je zulke foto’s niet gemakkelijk zult vinden
De begravenisrituelen zijn inderdaad bijzonder beschreven. Het schijnt dat de genoemde zwarte kleden nog in de vorige eeuw (specifiek in Groenlo) werden gebruikt: met een zgn lange flanders aan de hoeden.
Ik ben op zoek naar foto’s van een dergelijke stoet in Groenlo, kan iemand mij daaraan helpen?
Hallo Annie Hemeltjen, dat verhaal van de schaatsc;ub kwam van Maria Monasso.
Leuk , die link Paul. De laatste maanden hebben we een aardige conversatie gehad over de van Bastens en van Batenburgs hier in onze stad maar het is toch altijd weer leuk om zo’n mooi geillustreerd verhaal te lezen, vooral na die interessante middag die we zondag gehad hebben. Er was zo veel belangstelling dat de inschrijving stopgezet moest worden en dat betekent wel dat de historie “leeft”!
Paul, leuk artikel. Weer wat geleerd.
De link hierboven geeft nieuwe informatie uit de familiekronieken van de Basten- Batenburgs.
klik hier
Nieuwe publicaties Batenborgstichting
beschrijving van dit huis door Roy Oostendorp
De ABTB staat voor: Aartsdiosicane Boeren en Tuindersbond.
Bij de totstandkoming van plaatselijke coöperaties blijken ook in Gelderland/Overijssel vaak notabelen de voortrekkers. Zij hadden, als grondeigenaren, gestimuleerd door hun lidmaatschap van plaatselijke afdelingen van de in 1845 opgerichte Geldersch-Overijsselsche Maatschappij van Landbouw, direct belang bij veranderingen op landbouwgebied.
Bij een vorige duscussie was het Maria Monasso die dhr. C. Corbelijn noemde als oprichter van de schaatsclub.
Sirry Annie , ik ben al flink bezig uit te zoeken uit welke bron het dan wel afkomstig is.
Ans, dat verhaal van die schaatsclub is mij volkomen onbekend en kan dus niet van mij afkomstig zijn.
Was dat de voorloper van de Algemeb Boeren en Tuinders Bond?
Van Johanna hoorde ik het volgende: in een Almanak uit 1896 staat een
Naamlijst van de Geldersche-Overijselsch Maatschappij van Landbouw. Leden o.a C.H.T.A.Corbelijn Battaerd Groenlo Afd. Winterswijk. Dhr. L. Lasonder zat in het bestuur.
Je ziet deze heren pagina 88 van de Kroniek van Groenlo samen op een foto uit 1911, links en rechts van notaris Vemer.
Weet iemand meer over die maatschappij van Landbouw?
Ja Dirk, dat is alleen maar gissen.
Het probleem is ook eigenlijk dat wij in Groenlo nog niet veel weten over bijvoorbeeld de tijd dat de Fransen in Groenlo zijn. 1795 en verder.
Tot 1672 weten we het allemaal wel maar wat daarna allemaal met Groenlo gebeurde. Ja de vestingwerken werden afgebroken. Henk Nijman de archivaris vertelde mij al eens dat daar nog best wel veel materiaal van bewaard is gebleven.
Ik heb zo 1-2-3- niet het jaartal bij de hand wanneer hij naar Groenlo verhuisde maar wat ik dan wel graag zou willen weten. Hoe hing de vlag erbij voor Groenlo toen hij naar Groenlo kwam, hoe was het leefklimaat hier enz.
Een reden die ik mij kan bedenken is dat het hem te heet onder voeten werd inzake wie zijn werkelijke vader was. Misschien werden de geruchten wel te groot daar in Friesland.
Wat ik mij ook afvraag is waarom liggen er twee verzegelde testamenten in het archief in Arnhem. Ik zit niet zo in de testamenten, maar een testament wordt toch openbaar gemaakt als iemand komt te overlijden. Tegenwoordig hebben we een testamentenregister.
Wat kan er in een verzegeld testament staan. Volgens mij niets over financien want dat wordt en moet bij overlijden geregeld worden. Zit misschien in het testament gegevens over zijn werkelijke vader, geboorteacte enz.
Maar is hier in Groenlo niets te vinden. Als iemand hier komt wonen moet hij zich toch inschrijven?
Vlak voor z’n vertrek naar Groenlo werd Corbelijn Bataerd benoemd tot ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw. Hij was toen commandant (“majoor”) van de schutterij in Leeuwarden.
Met zijn bedrijf “Corbelijn Bataerd & Keuning” (Kassiers en Commissionairs in Effecten) was hij mede-organisator van de loterijen van de Vereeniging tot Bevordering van ’s Lands Weerbaarheid.
Zijn familie had een miltaire achtergrond, hij toonde als burger z’n betrokkenheid bij het leger op deze manier.
Maar wat deze man naar Groenlo deed verhuizen, ik heb werkelijk geen idee…
We komen er langs. Maken even een uitstapje naar de Woerd en kunnen hierna daar even kijken.
Erik, op het oude gedeelte, ongeveer meteen links van het middenpad. Misschien een leuk item voor een wandelroute.
Hallo Ans,
Ik heb me nog niet zo verdiept in deze persoon. Maar wat ik hier schreef was snel gegoogled. Ligt hij op het oude gedeelte (links) of rechts. Neem aan links?
In welke rubriek is hier veel geschreven over hem? Leuk speurwerk.
Erik, ik denk niet dat hij geleefd heeft van die vondst, maar dat de moeder van Corbelijn niet zo maar iemand was bij wie Willem III een bastaard verwekte ( zie al de nakomelingen die Henk Walhof noemt) maar een meisje van “beteren huize” en als je de studies van Nicolaas Tops naleest ( te vinden in een van de uitgaven van de OVG) is de geboorte van Corbelijn in Utrecht met zeer veel zorgen voorbereid. Het geld kwam al vrij toen hij 26 jaar was en de vondsten in de Friesche bodem waren een soort hobby voor hem. Hij liet zich met paard en wagentje naar de opgravingen rijden. Liet het werk door derden doen en ging zelf met de eer strijken. Kijk eens naar zijn grafsteen, meteen links van het middenpad op het Protestante Kerkhof. Op grond van welke verdiensten heeft hij al die eretekenen verworven? Hij heeft nooit een carrière gehad in het Nederlandse leger.
Met die Corbelijn battaerd is wel wat aan de hand. Hierbij een verslag van de conservator van het Friesch Genootschap. Corbelijn Battaerd heeft het museum heel wat nagelaten in 1913. Lees maar eens:
De conservator schrijft in zijn jaarverslag over de aanwinsten:
“Het museum werd verrijkt met eenig porselein en oud-Friesch zilver door Mw. Corbelijn-Battaerd Huber te Groenlo, overeenkomstig het verlangen van wijlen de heer Battaerd aan het museum ten geschenke gegeven. Onze reeds belangrijke verzameling van oud Friesch zilver werd door deze schenking zeer aangevuld. Fraai en interessant is vooral de Walta-kroes van het jaar 1505 en voorts verschillende gebruiksvoorwerpen als kandelaars, tabakspotten enz. van Leeuwarder meesters uit de 18e eeuw, waarvan wij er nog maar weinig bezaten. vermelding dient ook het gouden horloge, vervaardigd door Steven Hoogendijk te Rotterdam. Op nieuw geinventariseerd werden de in de terpen gevonden munten, een werk dat nog niet geheel is afgeloopen behalve wat de Carlingische munten en muntvondsten betreft”. Aldus uit het 86e verslag van het Friesch genootschap van geschied-, Oudheid- en Taalkunde te Leeuwarden over het jaar 1913-1914.
Ans, je hebt het hier over een belangrijke vondst in de terpen. Die is hiermee bevestigd en ook wat hij gevonden heeft.
Ans je hebt het over een constante geldstroom en dat hij niet werkte. Heeft hij geleefd van zijn vondst? Ik ga eens verder googlen.
Ha Dirk, ik hoorde eens van Annie Hemeltjen dat hij de oprichter was van de Groenlosche schaatsclub.
Wat de religie betreft, die wisselt nogal ergens in de loop van de geschiedenis. Daarin was men soms nogal pragmatisch.
Beste Jan, met de van Basten zijn er zeker connecties. Google eens of ga weer eens te rade bij onze Groenlose Oudheidkundige Vereniging. Sebastiaan Roe heeft namelijk weer een leuk boekje geschreven over een van Basten. Waar komt die naam vandaan? Ars Notarius 141 door Mr J.S.L.A.W.B Roes8 hoofdstukken met 33 pagina’ en 26 pagina’s bijlagen. Een mild oordeel van een vergevingsgezinde oud-stadgenoot, ruim anderhalve eeuw na het verscheiden van de Groenlose notaris mr. Jacobus Henricus van Basten Batenburg (1785 -1852). Rede, in verkorte vorm uitgesproken, bij de openbare aanvaarding van het ambt van hoogleraar op persoonlijke titel met de leeropdracht Deontologie en de geschiedenis van het Notariaat aan de Radboud Universiteit op donderdag 23 april 2009 door mr. J.S.L.A.W.B. Roes………………………….Natuurlijk weer verkrijgbaar bij de Oudheidkundige Vereniging. Kijk ook eens op Google……………………………. Genealogie…..Hij was een zoon van Johannes Henricus van Batenburg (van beroep Vrederechter) en Maria Helena Catharina van Basten.
IS de van basten batenburg tak uit lichtenvoorde ook familie ??
Tja, Corbelijn Battaerd was vermogend. In 1892 en 1893 staat hij op de “Lijst van hoogstaangeslagenen in de provincie Friesland”, voor een belastingbedrag van 957 gulden en zevenenveertig en een halve cent. Daarmee mocht hij stemmen bij de parlementsverkiezingen en was in principe zelfs verkiesbaar voor de Eerste Kamer. Zo’n lijst was een soort openbare “Quote 500”. De relatie met Van Asbeck: Hij woonde in Leeuwarden op de Grachtswal in het Van-Asbeckhuis.
Waarom zich dan terugtrekken in Groenlo? Geen idee. Was er een schandaal geweest? Helemaal onzichtbaar werd hij overigens niet. Bij zijn 25-jarig huwelijk plaatste hij, terwijl hij al in Groenlo woonde, een advertentie in de Leeuwarder Courant.
Zijn weduwe liet in 1934 tal van antiquiteiten na aan het Friesch Museum, waarvan hij de eerste conservator was geweest.
Blijft nog de kwestie van de godsdienst. Was Corbelijn protestant? Volgens mij waren de Van Asbecks in Groenlo Rooms-katholiek.
Misschien weten ze bij de Van Batenborgh-stichting er wel meer van.
Ik loop wel eens langs het graf van dhr. Corbelijn Battaerd en dan vraag ik me wel eens af: “Nooit gepresteerd, toch geeerd?” Ik kan het mis hebben. Des te interessanter om ons eens te verdiepen in de levensloop van deze Grollenaar. Als twintiger gehuwd zonder een vast inkomen uit werkzaamheden… Dat werken hoefde ook niet want er was sprake van een constante geldstroom. Corbelijn schreef gedichten en verdiepte zich in de archeologie van Friesland en Groningen. Hij was er steeds bij als er terpen afgegraven werden en schijnt een belangrijke vondst gedaan te hebben. Terugkomende bij deze foto blijft mijn vraag. Was er een verband tussen de van Asbecks en de komst van dhr. Corbelijn? Het internet geeft veel gegevens prijs, maar net niet de “sluitende feiten”. Maar goed, 6 jaar gaan snel voorbij.
Ans, de eerste kan over 6 jaar (2016) al openbaar gemaakt worden en de tweede over 10 jaar (2020). Niet vergeten dus.
Ha Martie, nog maar 9 jaar wachten dus.
Ans, het jaartal 2021 moet 2020 zijn.
Ans, misschien dat de verzegelde notariële akten daar t.z.t. (2016 en 2021) meer over vertellen. We moeten nog even geduld hebben.
Kan er inmiddels al een link gelegd worden tussen het echtpaar Battaerd-van Asbeck, de pleegouders van dhr. Corbelijn-Battaerd, en het huis van Basten-Asbeck?
Waarom vestigede dhr. Corbelijn zich in het uiterste oosten van het land? Wat waren de connecties?
In de jaren ’40 hadden ze geen televisieantennes op het dak staan (zie ook het wiite snoer dat over het dak naar de schoorsteen loopt). Deze foto is dezelfde opname als de vorige foto in dit album, alleen anders uitgesneden.
Het pand links op de foto is al verbouwd. Deze foto is dus nog niet zo heel oud. Jaren ’70?
Foto jaren veertig