Meer foto’s uit dit albumDeze foto hoort bij het album Markt.
Bekijk het volledige albumGrote foto voor donateursVoor minimaal €20 per jaar kunt u donateur worden en grote foto’s bekijken.
Word donateur en bekijk grote foto’sInformatie over deze foto / video
- Fotocredit
- Coll : Familie Buijting-Ballast
- Trefwoorden
- Markt : Gezicht op de Markt.
Trefwoord voorstellen
Ziet u iets op deze foto dat nog niet bij de trefwoorden staat? Geef één trefwoord of naam door. Na controle voegen wij het eventueel toe.
Auteursrecht
Deze foto mag niet zonder toestemming van de rechthebbende worden gebruikt, gepubliceerd of verspreid.
Gerrit dank je wel dat je ons vandaag op de commentaren hierboven wees. Zo is er langzamerhand toch een imposant archief ontstaan op scherpinbeeld.
Op latere foto’s uit deze map is te zien dat bij het pand van slager Heijmans (hoek Schoolstraat-Mattelierstraat) de zijgevel tot de eerste verdieping opgetrokken is. Hier heeft het pand nog een wolfskap.
Deze foto zal daarom wel tot de oudste exemplaren behoren op Scherpinbeeld.
Wat ook opvalt: op SARA staat deze foto ook, maar dan zonder duidelijke kerktoren op de achtergrond. Later met de hand toegevoegd?
Rechts de winkels van Huijskes. In het Gelders Archief hebben ze 75 centimeter archief van de “Komenijs- en manufacturenzaak Huijskes”, 1800-1901. Uit de beschrijving blijkt dat:
“Huijskes’ zaak in Groenlo en omgeving gefungeerd heeft als een modern warenhuis. Men verkocht er onder andere levensmiddelen, specerijen, zuivelproducten en vleeswaren, maar ook bouwmaterialen, ijzerwaren, verfstoffen en verschillende luxe artikelen. De gekochte producten en goederen werden niet altijd in contanten betaald. Ze komen in de rekeningen-courant boekingen voor van betalingen door het leveren van arbeid, bijvoorbeeld door één of meer dagen voor Huijskes te dorsen. Andere debiteuren betaalden door middel van obligaties of wisselbrieven. “.
Een komenijswinkel is een verouderd woord voor kruidenierswinkel.
Aanvankelijk woonde notaris Vemer hier.
In de context van de foto hierboven werd geschreven over notaris J.P. Vemer.
Op de Vestingstad dag die gisteren weer plaatsvond in Groenlo had mevrouw Hetty Vemer, dochter van Willem Vemer en kleindochter van de bovengenoemde notaris de Pomona tuin opengesteld voor het publiek. In de tuin zaten enkele dames te schilderen en iedereen mocht vrij in- en uitlopen in het theehuisje. Helaas hebben de beroemde bomen Filemon en Baucis het begeven tijdens de stormen van het afgelopen jaar. Mevrouw Vemer vertelde veel interessante verhalen over de geschiedenis van de tuin. en over alles wat haar vader haar ooit allemaal vetelde over de gebeurteniisen in de familie en zij verklaarde de bijzondere band die de famulie Vemer nog steeds heeft met Groenlo.
Siegfried maakt een mooie foto die ik met zijn toestemming publiceer op FACEBOOK.
Roy het jubileumboek heet 75 jaar Vrijwilige Brandweer gr jan
Ik kom het graag van je lenen Jan.
Ans ik heb het boek in mijn bezit je mag het gratis bij mij op halen gr jan
In 2003 bestond de (georganiseerde) brandweer Groenlo 75 jaar. Er is toen een jubileumboek uitgebracht.
Nico waar is meer informatie te vinden over de geschiedenis van de brandweer?
productie Bernard Bonenkamp
Gebouw brandspuiten Op 21 maart 2010 publiceerde Nico Tijdink het volgende in de map Beltrumsestraat deel 4 foto een ongeveer de v9lgende tekst:
In mei 1882 besluit de gemeente om het pand te kopen dat op dat moment staat op de hoek van de Nieuwestraat en de Markt.
We praten dus over de plek waar nu Pepijn gevestigd is.
Er stond daar een oud slecht gebouw dat eigendom was van Broekman en Dechering.
Nadat dit pand gesloopt was bouwde men daar toen op de hoek een woonhuis, met rechts ernaast, aan de marktzijde dus, een brandspuithuis. Dat brandspuithuis grensde aan het pand van de juwelier, waar begin 1900 het postkantoor werd gebouwd. Het brandspuithuis zelf kan ik slechts op één foto van SIB vinden, maar daar kom ik zo op terug. Het nieuwe woonhuis links op de hoek was in haar ontwerp zeer fraai en ontworpen door timmerman en bouwontwerper Aalbers uit Groenlo. Het pand werd eerst bewoond door mevrouw Fischer-ten Cate, die enkel jaren later, in 1886, het pand en ook het brandspuithuis kocht.
In de geschiedenis van de brandweer is hert daarna even onduidelijk waar de spuiten zijn gebleven.
Dit woonhuisgedeelte is te zien in de map Markt 2 en dan de foto nummer 1 maar de prachtige uitvoering hiervan is onlangs beschreven door Roy Oostendorp en deze map bevindt zich in de map Markt 3 foto 1. Maar eigenlijk nog specialer is de foto die Ans fraai uitgevoerd en in fantastisch canvas (productie Bernard Boenkamp) aan de wand heeft hangen. Hierop kun je namelijk rechts naast het postkantoor het brandspuithuis met balkon zien en daarnaast de woning van Fischre-ten Cate later Konings. Beide panden werden in 1956 afgebroken.
Dank je wel Roy, ik meen zelfs dat er nog ergens op scherpinbeeld een foto staat van het Vemer pand in de beginperiode en de nieuwbouw van bakker Buve.
Ans, je opmerking over de nieuwbouw in 1910 is wsl. wat er gebeurd is.
En deze pomp ziet er weer anders uit. Gerrit ken het zijn dat op deze plaats, midden op de Markt dus, twee verschillende pompen hebben gestaan en voor ter Hoeven weer een andere?
Wat die pomp betreft: op 26-07 beschreef Dirk hierboven de plaats van de pomp volgens de kadasterkaart van 1832. De leden van de OVG hebben tijdens de laatste jaarvergadering een lezing gehad over de kadasterkaarten. Erg interessant.(ook wel een beetje taai maar je moet er wat voor over hebben als je iets over Grolle in het verleden wil leren)
sorry, 1910
Dirk, is het mogelijk dat notaris Vemer in 1019 verhuisd is naar het pand tegenover (thans) Gunnewijk en daar nieuw gebouwd heeft?
Roy als dat leibomen waren zijn ze wel heel slecht onderhouden ?
En dan nog even over de woning van notaris Vemer. Misschien waren woning en kantoor niet op hetzelfde adres? In de Kroniek van Groenlo schrijft W.P. Vemer in 1969 dat Joh. Petrus Vemer in 1890 komt te wonen in de Betrummerstraat, naast hoekpand Apotheek Wittermans, “thans schoenenzaak Adema”. Dat is volgens mij het pand links op deze foto. Hij meldt ook bij een foto dat het oude kantoor van de notaris in 1910 werd gesloopt. En volgens die foto was het kantoor tegenover Gunnewijk, dus verderop in de Beltrumsestraat.
Oh ja, terugkomend op de eerste reactie van Jan O.: die paaltjes markeren het eigendom van de particulier: de stoep. De rijkeren hadden een hardstenen stoep met stoeppalen en eventueel een hek, de rest alleen keitjes. Later verdwenen de bomen, de palen en uiteindelijk neemt de gemeente de stoepen op in het wegprofiel, omdat dit te smal is voor auto’s én voetgangers. Vaak blijft het kadastraal perceel tot op heden ongewijzigd.
Dit is nu één van de weinige foto’s die goed het beeld van Groenlo geven als kleinschalig landstadje. In de 18de en eerste helft van de 19de eeuw eeuw is weinig gebeurd, Na 1875 (mede door de toenemende industrie) is er al veel veranderd. Op de foto is op dit moment geen enkele gevel meer intact, behalve de kernen van de 2 panden links op de foto. Daar is de hoofdconstructie en de kap waarschijnlijk nog van aanwezig.
PS: Paul, hier zie je nog een goed voorbeeld van functioneel groen in de straat: leibomen (op eigen perceel!) vóór de gevel die op het zuiden staat. Mits goed toegepast vind ik dit een oplossing voor het blijkbaar gemis van groen in de straat.
Erik, ik ben ook benieuwd naar de geschiedenis van de brandweer. Misschien kan men ons in het brandweermuseum in Borculo meer vertellen over de functie van die tonnen. Brandweermuseum Borculo
Gerrit en Dirk, ik zat er inderdaad bijna een eeuw naast. Maar we kennen zo lanzamerhand heel wat namen van mensen dei zich tussen 1800 en 1850 op de straten van Groenlo ophielden.
Jan, ik weet alleen van horen zeggen, dat heel Groenlo geschokt was door wat de alomgeliefde familie Vemer was overkomen. Heel Grolle had verdriet en in de straten werd gehuild.
Ans en de boeren uit groenlo en omgeving hebben die hun geld nog terug gekregen of geeft het familieboek dat niet aan ??
Nee Jan Oostendorp, zelfs geen tuin heeft hij overgehouden, alles was weg. Zo kon dat gaan in die tijden. Het echtpaar Vemer vertrok naar Nijmegen. Later heeft de familie de tuin terug gekocht.
vroeger zei men: niets is zo soliede als de Bank van Rusland, daar was immers de grote graanschuur van Europa.
Dirk het had te maken met de val van de Bank van Rusland,naar ik meen in 1921,
de beleggingen daarin waren ineens geen cent meer waard. Het is allemaal te lezen in een Vemer-familieboek dat ik eens mocht inzien.
Maar hij heeft er in ieder geval nog een mooie tuin aan over gehouden ?
Later blijkt dat het nieuws over de notaris wat overdreven is. Op 25 oktober 1922 staat in de krant:
Notaris-faillissement.
Naar uit Groenlo wordt bericht, is het faillissement van notaris V. een gevolg van allerlei tegenslagen in verband met de malaise. De notaris heeft Groenlo verlaten wegens de noodzakelijkheid van rust voor zijn gezondheid. Hij vertrok echter niet zonder zijn adres achter te laten.
Dat notaris V. zich gelden zou hebben toegeëigend van de Spaar- en Voorschotbank is laster: de Bank staat geheel buiten het gebeurde, gelijk bewezen wordt door een advertentie in “De Geldersche Bode”, het plaatselijk blad van Groenlo, en waarin wordt medegedeeld, dat bedoelde Spaarbank niets aan notaris V. is tekort gekomen.
Nu we het toch over notaris Vemer hebben. Tijd voor een roddel uit de vorige eeuw? Dit zal wel schokkend nieuws zijn geweest in Groenlo! De krant Het Vaderland schrijft op 20 oktober 1922:
Fraude door een notaris.
Volgens de Zutph. Ct. heeft de 68-jarige notaris J.P.V., sinds 33 jaar notaris te Groenlo, Zaterdag die gemeente verlaten, nadat hij zijn klerk had gezegd dat hij zijn faillissement ging aanvragen. Gisteren heeft de rechtbank te Zutfen het faillissement uitgesproken. Verscheidene landbouwers uit Groenlo, Beltrum en Zieuwent en andere plaatsen zijn bij de zaak betrokken; toen zij in de laatste dagen hun deposito’s kwamen opvragen, was er geen geld om hen uit te betalen. De notaris was ook boekhouder van de Spaar- en Voorschotbank, en nam als zoodanig ook gelden in ontvangst, die hij gewoonlijk, tenzij uitdrukkelijk de naam van de instelling werd genoemd, op zijn eigen naam noteerde. Een paar ton zouden op deze wijze zijn geplaatst. De toestand moet zich in den loop van eenige jaren hebben aldus hebben ontwikkeld.
Ans, de 4 panden rechts staan volgens het kadaster in 1832 op naam van de weduwe E.H. Huyskes, met als omschrijving “winkel”. Ik heb even wat nagezocht, maar je wordt er wel gek van: de spelling Huiskes – Huijskes – Huyskes kom je allemaal tegen, en volgens het bevolkingsregister trouwen ze in de 19e eeuw regelmatig met mensen die ook Huiskes – Huijskes – Huyskes heten. De familie heeft als beroep koopman, koopvrouw, gemeenteraadslid, wethouder, burgemeester, predikant.
Egbert Hermannus Huiskes, burgemeester genoemd in 1819, later wethouder, overlijdt in 1829. Zijn vrouw Anna Roelof Krajenhorst zet dan de zaak voort: ik kom haar regelmatig als “koopvrouw” tegen.
Hun zonen Egbert Hermannus en Hermanus Gerhardus Huijskes zijn ook koopman, de laatste heeft weer een zoon Egbert Hermanus die ook koopman is. Deze kleinzoon (volgens Vemer genaamd Maneman) schenkt in 1909 grond aan de Hervormde Gemeente voor een nieuwe begraafplaats buiten de gracht, en wordt daar in 1910 als eerste zelf begraven.
En dan is er nog hun dochter Mekka Huyskes. Zij trouwt in 1834 met Hendrik Jan Huiskes (1801-1876), die burgemeester wordt van Groenlo. Diens broer is dan weer de dominee van Groenlo.
Ans, de toestand waar jij het over hebt is in een andere tijd. Bennie die meelhandel van Fornier waar jij hierboven over schrijft was in het vroegere pand Smeltink ook was uigerust met een takel.
Dirk, klopt het wel wat Vemer hier schrijft? Zowel Notaris Vemer als de winkel van Huijskes zaten dacht ik een heel eind verder in de Beltrumsestraat, ongeveer waar tandarts Schoemaker en de winkel van Gunnewijk zitten.
Dank je wel Dirk, handig, zo’n kadasterkaart.
De pomp staat hier op dezelfde plek als op de kadasterkaart uit 1832. Dat wil zeggen: op de lijn van de voorkant van de stoepen aan de rechterkant. Deze lijn loopt precies naar de hoek van de voorloper van het Grols Gemack, hoek Markt-Schoolstraat.
Vanaf de gevels op de Markt gezien staat hij op de kaart ingetekend op de lijn die haaks staat op de perceelgrens tussen huis Ter Hoeven (Lunchroom Wissink) en de bakkerij.
Hij staat op die kaart ook op de lijn die evenwijdig loopt met de voorkant van de stoep voor het stadhuis.
Volgens mij staat de pomp op de foto’s 2, 9 en 12 van dit album op dus dezelfde plaats als in 1832.
In de Kroniek van Groenlo schrijft W.P. Vemer over deze foto:
Gezicht vanuit de Beltrummerstraat naar de markt, waar de brandtonnen nog op de sleden staan. In het huis links, met spionnetje, woonde notaris Vemer. Rechts de winkels van Maneman Huyskes.
Moi Erik, recht is waarschijndelijk de takellift van meelhandel Fornier.Ik heb er al eens een stuk over geschreven hoe twee verliefden aan hun end kwamen met het schaatsen,een rijke zoon met een mooie arbeidsdochter.
Is de stadspomp niet dezelfde als op foto 9 in dit album
Hoe werd die olielamp gevuld en ontstoken ?
Wat verder opvalt op deze foto:
Straatverlichting (olielamp) hang over de straat net als nu.
Op de Markt staat ook weer een stadspomp.
Het huis rechts heeft een takl aan de nok zitten. Zoals veel pakhuizen dit hadden.
Volgens mij loopt er tussen het eerste en tweede huis rechts een steegje
Nog een vraag, misschien weet iemand dat: wie had het beheer over de tonnen met water? Werd dit centraal aangestuurd door de gemeente of was er al een soort van brandweer?
Gerrit, wat een schitterende foto toch weer! Ik heb hem geopend naast de door Ineke ingezonden foto en zoek de verschillen. De huizen op de hoek Markt-Schoolstraat zien er simpelere uit en er staan nog geen bomen voor terwijl op de vorige foto al flinke hoge bomen staan. Zit aan een van de gebouwen links een “spionnetje”? Inderdaad die paaltjes doen heel modern aan.
Misschien weet iemand te melden wie er links en rechts van de straat woonden?
(Dirk misschien?).
De ‘uitvinding van de fotografie’ werd in januari 1839 bijna gelijktijdig in Parijs en in Londen aangekondigd. Overigens staat in het Franse plaatsje Saint-Loup-de-Varennes – de plaats waar Joseph Nicephore Niépce zijn eerste proeven deed – een monument met de tekst “DANS CE VILLAGE NICEPHORE NIEPCE INVENTA la PHOTOGRAPHIE en 1822”.
Op deze foto zijn de watertonnen geplaatst midden op de Markt. eerder zagen we ze bij het huidige pand van Wissink voor de deur staan.
Wanneer werden eigenlijk de eerste foto’s gemaakt in het algemeen? Dan moet dit wel een van de oudste foto’s van Groenlo zijn (1850).
Is dit Beltrumsestraat met al die amsterdammetjes die waren toch niet voor de auto.s op de achtergrond ook nog een stads pomp ?